Gerrit Tamboer

De ondernemosphere

3 oktober 2026

Kinderlijke trekjes

Voordat moderne social media bestonden, hadden wij forums. Websites waar we accounts konden aanmaken, berichten konden plaatsen en daar vervolgens op konden reageren. In mijn jeugd, toen ik American Football speelde, hadden wij een specifiek forum waar we binnen de Nederlandse competitie contact met elkaar konden hebben. Voor ons als jeugd werd het vooral gebruikt om elkaar de maat te nemen, en daar deed ik graag aan mee. Zeker in de weken voorafgaand aan wedstrijden gingen er veel berichten over en weer om de rivaliteit verder aan te wakkeren. Hoe ging dat dan, vraag je je af? Je postte iets en wachtte tot iemand reageerde, met een lichte vorm van adrenaline die je dagenlang wakker kon houden. In de praktijk betekende dit dat je iedere minuut je browser ververste, in de hoop dat er reuring was ontstaan. En zo kon je dagen vullen.

Dit gedrag bestaat nog steeds. Sterker nog, je zou kunnen zeggen dat Facebook voor een belangrijk deel op dit gedrag is gebouwd. Zelf vertoon ik dat gedrag gelukkig niet meer. Die dagen heb ik inmiddels gehad. Ik ben 40 en ruim volwassen genoeg om te weten dat ik daar niets mee opschiet. Althans, dat dacht ik. Want een paar dagen geleden vond ik mezelf toch weer terug in een online strijd, op zoek naar digitale likes. Vluchtig mijn browser verversen in de hoop dat er reuring was ontstaan. En dat bleek zo te zijn.

Stom eigenlijk, dacht ik achteraf. Waarom vond ik het zo nodig om op dat bericht te reageren? Maar toch: ook na een nacht slapen vond ik nog steeds dat ik gelijk had en dat het nodig was om fel te reageren.

Een avond vol reuring

Laat me even uitleggen wat er gebeurde. Ik bekijk meerdere keren per dag LinkedIn, het enige socialmediaplatform dat ik nog gebruik, als je WhatsApp niet meetelt. Op mijn tijdlijn, prominent bovenaan, zag ik een bericht met daaronder een foto. Op de foto stond een stofzuiger met een briefje van honderd euro erbij. Mijn eerste gedachte was: heeft hij voor honderd euro een stofzuiger gekocht?

Niets was minder waar. Het was een ondernemer die uitlegde dat hij honderd euro per week uitgeeft aan een dame die bij hem thuis schoonmaakt. Althans, schoonmaken was eigenlijk een understatement: zij doet vrijwel zijn hele huishouden en haalt ook de boodschappen. Op zich is daar natuurlijk niets mis mee. Ik heb zelf ook lange tijd huishoudelijke hulp gehad.

Het ging mij om de rest van het bericht. Deze ondernemer legde uit dat het heel simpel is: zijn uurtarief ligt aanzienlijk hoger dan dat van zijn schoonmaakster en daarom is het volgens hem een betere investering om die tijd in zijn bedrijf te steken. Dat levert immers een betere "ROI" op. Sterker nog: hij vindt dat iedere ondernemer eens goed zou moeten kijken waar hij of zij zijn tijd aan besteedt.

Daar zit op zichzelf een logica in die niet heel gek is, en het is een gedachte die ontzettend vaak door ondernemers wordt herhaald. Want laten we eerlijk zijn: een veertigurige werkweek is voor mietjes. Als je succesvol wilt zijn, moet je keihard werken. Althans, dat is natuurlijk de ondertoon van het bericht.

Maar het bleef daar niet bij. Er werd ook duidelijk gemaakt dat je je hier geen zorgen over hoeft te maken als je in loondienst werkt. Want ja, als standaard loonslaaf ben je natuurlijk niet welkom in dit gesprek, sukkel.

Bij die signalen kreeg ik kortsluiting in mijn hoofd. Het werd digitaal zwart voor mijn ogen. Ik kon geen fatsoen meer opbrengen voor deze moderne vorm van ondernemersarrogantie. Waarom is het zo belangrijk om jezelf in een aparte klasse te plaatsen, alsof iedere ondernemer een nieuwe versie van Bill Gates is? Had ik overigens al verteld dat deze post geschreven was door een zzp'er die personal trainer is?

Dus ik reageerde natuurlijk cynisch. Ik kon het niet laten. Ik legde uit dat als hij zijn tijd echt wilde optimaliseren, hij naast het uitbesteden van het stofzuigen misschien ook maar moest stoppen met slapen. Dat zijn tenslotte acht potentieel facturabele uren die je iedere nacht laat liggen. En die vijftien minuten die hij vervolgens besteedt aan het schrijven van LinkedIn-postjes zijn natuurlijk ook doodzonde.

En daar ging ik weer. Ik stapte in mijn vijftienjarige zelf, wiens ego even geprikkeld moest worden. Dus begon ik met de eerste F5: de pagina verversen. Dat was het begin van het einde van mijn avond, want zo ging ik om de minuut kijken hoeveel likes en opmerkingen er waren. Ik was er toch weer ingetrapt.

Gelukkig waren de meeste mensen het wel met mij eens, op een paar na. De mensen die het niet met mij eens waren, waren vrijwel allemaal kopietjes van de starter van de originele post. Profielfoto's met driedelige C&A-pakken werden om mijn oren geslingerd. Er was er zelfs één die mij verkondigde dat hij simpelweg een "different breed" was dan ik. Anders gemaakt, oftewel. Deze different breed was CEO van een eenmanszaak, overigens.

De ondernemosphere

Ik heb het even op me laten inwerken waarom dit postje mij nou precies zo raakte en waarom hier een online vete uit voortkwam. Dit is namelijk niets voor mij. Ik kan een stevige mening ergens over hebben, maar meestal krijgt het verstand de overhand wanneer mijn emoties oplopen. Deze keer niet.

Als je ondernemer bent, ben je blijkbaar volgens sommigen onderdeel van een eliteklasse die met kop en schouders boven de rest uitsteekt. Werk jij in loondienst? Dan hoef je hier blijkbaar niet over na te denken en ben je niet echt onderdeel van het gesprek. Ben jij schoonmaakster? Dan mag jij de klusjes doen die ik vervelend vind en daar vervolgens ook maar een kwart van mijn uurtarief voor vragen. En ben jij een minder succesvolle ondernemer? Dan zul je maar eens goed moeten luisteren naar de zeer waardevolle tips die wij, de eliteklasse ondernemers, dagelijks verspreiden. Als je slim bent, koop je mijn cursus dropshippen en stap je vandaag nog in de crypto.

Net als bij de manosphere hebben we in mijn hoofd blijkbaar ook een categorie die ik de ondernemosphere noem: een groep met, vooral, mannen die het ontzettend belangrijk vinden om status te bepalen op basis van beroepskeuze en die ondernemerschap blijkbaar als de ultieme eliteklasse zien.

In de ondernemosphere is het belangrijk om keihard te werken. Als je minder dan vijftig uur per week aan het beuken bent, doe je niet mee. Deze ondernemers kun je ook in het weekend bellen, want vrije tijd is voor mietjes. Als zij een podium voor zichzelf kunnen creëren, gaan ze erop staan met hun C&A-pak, roepen ze zes zinnen over hoe je in tien stappen net zo succesvol kunt worden als zijzelf en laten ze die vervolgens zes keer editen, zodat het net lijkt alsof ze iedere week op een podium staan. De karaoke-bar vindt het inmiddels ook wel vervelend als die mannetjes zeggen dat ze een liedje gaan zingen, maar vervolgens een minuut gaan praten over willekeurige ondernemersonzin. In deze groep heerst geen imposter syndrome. Hier zijn het vooral imposters.

Mijn strijd

Er zijn ontzettend veel onderwerpen in deze wereld waar je je hard voor kunt maken. Klimaatverandering, verschillende conflicten, ongelijkheid. Overal heb ik wel een mening over. Meestal redelijk genuanceerd, en blijkbaar is het niet voldoende mijn strijd om mezelf aan een snelweg vast te plakken of op het Malieveld de ME in elkaar te schoppen. We hebben allemaal onderwerpen waar we meer strijd voor voeren dan anderen. Ik heb lang getwijfeld of er bij mij überhaupt nog ergens voldoende strijdlust in zat, maar blijkbaar is dit mijn strijd.

Ik heb een diepgewortelde hekel aan de ondernemosphere. Die arrogantie moet van mij uit de wereld geholpen worden en iedereen die symptomen laat zien, is niet veilig. Ik hoop dat je digitaal weerbaar genoeg bent om mijn cynische opmerkingen te weerstaan.

Maar misschien raakt dit onderwerp mij wel om een andere reden. Want achter al die borstklopperij, uurtarieven, productiviteit en het eeuwige streven naar meer succes zit volgens mij een veel groter probleem. Met de komst van social media en de ontwikkelingen in onze maatschappij is de druk om nooit tevreden te zijn enorm toegenomen. Jongeren groeien op met het idee dat ze voortdurend aan zichzelf moeten werken: aan hun carrière, hun liefdesleven, hun uiterlijk en hun prestaties. Botox en andere cosmetische ingrepen worden steeds normaler, zelfhulpboeken vullen de boekwinkels en op social media wordt voortdurend de suggestie gewekt dat je eigenlijk nog een betere versie van jezelf zou moeten zijn. Nooit ben je klaar, nooit is het genoeg.

Ik heb zelf moeten leren dat er juist schoonheid zit in het accepteren en omarmen van de imperfectie van het leven. Hoe harder je tevredenheid probeert na te jagen, hoe verder je er soms van verwijderd raakt.

En misschien zijn dit soort ondernemosphere-postjes daar wel een kleine, maar belangrijke pilaar van. Ze vertellen je voortdurend dat je harder moet werken, meer moet verdienen, slimmer moet zijn, succesvoller moet worden en vooral niet moet blijven stilstaan.

Ik ben daar inmiddels wel klaar mee. Dus ja, blijkbaar is dit mijn strijd. Weg met die rommel.

Bevind jij je in de ondernemosphere, of twijfel je of je er misschien toch onderdeel van bent? Dan wil ik je als laatste nog één ding meegeven. Stel je voor dat er honderd verschillende talenten bestaan. Dan ben je waarschijnlijk in hooguit een paar daarvan bovengemiddeld goed. Ondernemerschap kan daar één van zijn. Maar dat betekent automatisch ook dat er heel veel andere dingen zijn waarin je gewoon gemiddeld bent, of zelfs ronduit slecht. En dat geldt voor iedereen. Ieder mens heeft dingen waar hij uitzonderlijk goed in is, maar ook heel veel dingen waarin hij dat niet is.

Het verschil is alleen dat ondernemerschap in onze maatschappij relatief veel aandacht en status krijgt. Als jij daar goed in bent, wordt dat talent daardoor sneller gezien en beloond dan veel andere talenten. Maar dat maakt de talenten van anderen niet minder waardevol. Misschien is iemand fantastisch in het opvoeden van kinderen, het verzorgen van anderen, het maken van muziek, het oplossen van complexe problemen, het onderhouden van vriendschappen of het simpelweg gelukkig zijn met een eenvoudig leven. Daar staat alleen geen uurtarief, omzetcijfer of LinkedIn-post naast.

We zijn allemaal gewone mensen, met een paar dingen waar we goed in zijn en heel veel dingen waar we dat niet zijn. En juist in die middelmaat zit ook schoonheid. Je ondernemerschap maakt je niet beter dan een ander, net zoals het gebrek daaraan iemand anders niet minder maakt. Ook jij niet.

Terug naar blog